Met het vaststellen van deze beleidsregel beoogt de provincie Noord-Brabant de instandhouding van kerken te stimuleren. Het gaat om kerkgebouwen van monumentale betekenis, die in gebruik zijn voor de openbare eredienst of door herbestemming een culturele of sociale bestemming hebben gekregen. Verder is bepaald dat alleen kerkgebouwen die de status van gemeentelijke monument hebben of die zijn opgenomen op de Cultuurhistorische Waardenkaart in aanmerking komen voor subsidie. Rijksmonumenten komen dus voor deze regeling niet in aanmerking.
De werkzaamheden
De werkzaamheden waarvoor subsidie kan worden aangevraagd zijn:
- herstel- en conserveringswerkzaamheden aan daken en dakconstructies, inclusief goten en afvoeren;
- voorzieningen die op grond van ARBO-vooschriften moeten worden aangebracht, zoals bijvoorbeeld gecertificeerde dakhaken;
- constructieve, vochtwerende en conserverende werkzaamheden aan buitengevels en funderingen.
De subsidie
De subsidie per kerk bedraagt één derde deel van de vastgestelde subsidiabele kosten van het ingediende instandhoudingsproject. De subsidiabele kosten bedragen maximaal € 50.000,00. Per categorie kerken kunnen binnen het beschikbare subsidiebudget per jaar tenminste vijf aanvragen voor subsidie in aanmerking komen.
Prioriteitenstelling
Voor het toekennen van subsidie is de bouwtechnische urgentie van de uit te voeren werkzaamheden in eerste instantie bepalend. De bouwtechnische staat van het kerkgebouw dient tenminste te blijken uit een rapport van de Monumentenwacht Noord-Brabant.
Het indienen van de subsidieaanvraag
De subsidieaanvragen worden eenmaal per jaar beoordeeld. De aanvraag dient daartoe door of namens de eigenaar van de desbetreffende kerk vóór 1 maart van elk jaar te worden ingediend.